Molenbrigade voorgesteld in 'Het Provinciaal Domein'


Bekijk hier de aflevering van Het Provinciaal Domein!

Met onze formule ‘molenbrigade' willen we nog meer aandacht besteden aan ons molenerfgoed. In 2020 is het Vlaamse molenaarsambacht door de Unesco erkend als immaterieel cultureel erfgoed. Het is belangrijk dat we de ambachtelijke en technische kennis, die een molenaar heeft, kunnen bewaren en een stukje ‘bekender' maken. Het blijft in leven dankzij de honderden vrijwilligers die de molen draaiende houden: zonder molen geen molenaar, maar zonder molenaar zeker geen molen.

Het lespakket ‘molenbrigade' gaat niet alleen over de techniek. Leerlingen kunnen bijvoorbeeld ook een molen nabouwen of leren over windenergie, windrichting, windkracht, aerodynamica, of de grondstoffen/producten die erbij horen: van graan tot meel tot brood, van vlas tot textiel, enz. Ze leren het onderscheid kennen tussen grondstof (graan, vlas, lijnzaad), half afgewerkt product (meel, vlasvezels, lijnolie) en afgewerkt product (brood, textiel en verf). Er kan ook taal aan worden gekoppeld. Er zijn bijvoorbeeld veel uitdrukkingen die te maken hebben met ‘molen'.

Molendraaipremie

We ondersteunen het molenerfgoed nog op andere manieren vanuit de Provincie. We willen er ook alles aan doen om de molens draaiende te houden. Dat is goed voor de molen (aandrijfwerk, onderdelen laten werken). Een molen moet draaien om in orde te blijven. Het is geen monument zoals een gebouw of een kasteel, een molen is een machine en die moet regelmatig werken om goed te blijven. En het is goed dat ze veel draaien om ook het ambacht op zich in leven te houden.

We doen dit aan de hand van een draaipremie. De voorwaarden voor zo'n premie zijn bijvoorbeeld dat je minstens drie dagen per jaar de molen open moet stellen voor het publiek, dat je -afhankelijk van het soort molen- 12.000 of 48.000 omwentelingen moet hebben, een logboek moet bijhouden, enz.

In West-Vlaanderen 75-tal beschermde molens!

Tot slot een misverstand de wereld uithelpen: niet Nederland, maar West- en Oost-Vlaanderen zijn het molenland! Windmolens zijn bij ons ontstaan in het oude graafschap Vlaanderen. De oudste vermeldingen dateren al van de tweede helft van de 12de eeuw in onze regio. Vlaanderen was één van de dichtst bevolkte regio's van Europa en stond aan de spits van de landbouw en techniek. Van hieruit is de molentechnologie verder verspreid over Europa in de loop van de late middeleeuwen.

Eeuwenlang hebben molens allerlei grondstoffen geproduceerd en waren ze de belangrijkste staaltjes van techniek in onze streken tot aan de industriële revolutie. In elk dorp waren er molens te vinden en in de steden stonden er hele rijen molens op de wallen te draaien. Molens waren onmisbaar voor de graan- en olieproductie en vele andere toepassingen. In het begin van de 20ste eeuw verdwenen heel wat ambachtelijke windmolens: ofwel werden ze vernield door oorlogsgeweld (een molen was een ideaal doel van ver zichtbaar), ofwel werden ze vervangen door mechanische maalderijen.

Gelukkig zijn er nog heel wat ambachtelijke molens bewaard, in West-Vlaanderen zo'n 75-tal (waarvan de meeste zelfs nog maalvaardig zijn) beschermd als monument, wat hun erfgoedwaarde duidelijk aantoont. Er is een nauwgezette opvolging van de molens vanuit Monumentenwacht, en dit is zeker een pluspunt. Zo krijgen ze regelmatige inspecties, die voorkomen grote restauratiewerken. De vakkennis van de moleninspecteurs bij Monumentenwacht is nadrukkelijk nodig om de molenaars en de eigenaars te begeleiden en ook om te helpen in het beheer van ons molenpatrimonium. Het zijn unieke stemmen uit ons verleden die ons boeiende verhalen vertellen. Laten we ze koesteren!

 Molenbrigade voorgesteld in 'Het Provinciaal Domein'  Molenbrigade voorgesteld in 'Het Provinciaal Domein'